De illusies van het hart
Het gesprek begon met deze zin uit Vadan Talas: “Liefde die niet volhardt, is een illusie van het hart.” Het gebruik van ‘volharden’ nodigt ons uit om hogerop te reiken, voorbij het alledaagse naar het subtiele en het transcendente, maar de gezichten van de vriendenkring waren bijna allemaal nogal somber. Het was duidelijk dat ze allemaal liefde hadden ervaren als iets vluchtigs of feilbaars, en dat de herinneringen niet opbeurend of prettig waren.
Het algemene gevoel kwam tot uiting in een vraag die in verschillende vormen werd gesteld. Iemand vroeg: “Waarom blijven we dat doen?” Met andere woorden, waarom blijven we verliefd worden ondanks de teleurstellingen en frustraties? Een ander benaderde dezelfde vraag op een meer fundamentele manier: “Hoe kunnen we zeggen dat het hart illusies heeft?” Op sociale media echoën immers volop memes en boodschappen als ‘volg je hart’, ‘je hart weet het’, ‘vertrouw je hart’, enzovoort. Als het hart kan lijden onder illusies, houden we onszelf dan voor de gek? En als we ons hart niet kunnen vertrouwen, waar moeten we dan terecht voor begeleiding?
Om dit beter te begrijpen, moeten we nadenken over wat er met ‘hart’ wordt bedoeld. In de populaire cultuur is het een soort standaardeenheid, alsof die ergens in een anonieme fabriek wordt geproduceerd en bij de geboorte wordt geïnstalleerd. In deze visie heeft iedereen een hart en zijn ze niet van elkaar te onderscheiden. Vanuit het oogpunt van een soefi is het hart echter een vermogen, een ruimte waar gevoel en schoonheid kunnen resoneren – maar die ruimte kan worden verwaarloosd of misbruikt. Een nuttig beeld hierbij is hoe een muziekinstrument in elkaar zit. Daarbij versterkt een afgesloten ruimte het geluid van een trillende snaar. Je kunt hiervoor een kalebas kiezen, maar een kalebas die nog aan de plant vastzit is hiervoor niet geschikt. Hij moet eerst rijpen en vervolgens worden leeggemaakt en gedroogd. We zouden dus kunnen zeggen dat we allemaal iets in ons hebben groeien, maar dat dit misschien nog niet geschikt is voor deze taak. En als we goed kijken naar de mensen om ons heen, en naar onszelf als we eerlijk genoeg zijn, zullen we zien dat geen twee harten hetzelfde zijn. Sommige zijn als onbebouwde grond, sommige zijn bevroren, sommige zijn warmer maar produceren een oogst van onkruid en doornen, sommige zijn erg klein, sommige groter, andere zijn aangetast door ziekte of parasieten waardoor ze misvormd zijn; er is een eindeloze verscheidenheid, maar zelden vinden we een hart dat helder en open is en vrij van de zware materie van zelfingenomenheid, zodat het kan resoneren met de goddelijke kracht van liefde. Dat zou inderdaad een hart zijn dat men zou kunnen vertrouwen, dat men zou kunnen volgen, want het zou vrij zijn van illusies.
En van hieruit kunnen we ons wenden tot de verwante vraag: “Waarom blijven we dit doen?” In de Aphorisms stelt Hazrat Inayat Khan het heel duidelijk: “Je bent liefde. Je komt voort uit liefde. Je bent gemaakt door liefde. Je kunt niet ophouden met lief te hebben.” Dit kan ons geruststellen, maar onze eerste ervaringen met liefhebben vinden hier op aarde plaats en daarom zullen ze onvolkomenheden vertonen. Degenen van wie we houden, zullen onvermijdelijk voeten van leem hebben – en onze eigen voeten zullen niet beter zijn, hoe we ook doen alsof dat wel zo is. Als we liefhebben en teleurstelling ervaren en dan opgeven, komen we niet verder en moeten we ons hele leven met teleurstelling leven. Maar de kracht van liefde is groot en dus worden we herhaaldelijk in de maalstroom geworpen. Als we door genade en goed advies leren van onze teleurstellingen, kunnen we beginnen met het werk om ons hart te ontdoen van alles wat er niet in hoeft te zijn. Een eenvoudige test die we in dit proces kunnen toepassen, is: hebben we lief zonder verwachtingen? Gaat onze liefde over onszelf? Of over het geluk van degene van wie we houden?
Door ons hart op tijd te zuiveren, kunnen we erkennen dat er inderdaad één liefde is die volhardt, een liefde die misschien weerspiegeld wordt in onze liefde voor de mensen in ons leven, maar die gegrondvest is in de liefde voor de Bron en Oorsprong van liefde, de Goddelijke Aanwezigheid die glimlacht in het hart dat zich werkelijk heeft overgegeven. We vinden deze gezegende erkenning bevestigd in deze uitspraak van Gayan Boulas: “Als liefde voor een vorm zich ontwikkelt, culmineert deze in liefde voor het vormloze.”
Vertaling Kariem Maas
Discover more from The Inner Call
Subscribe to get the latest posts sent to your email.
